Tracé graven, mantelbuizen leggen, verdichten en de straat strak terugleggen — alsof we nooit geweest zijn. Alleen de glasvezel verraadt ons.
Onder elke Nederlandse straat ligt het vol: gas, water, elektra, data. Daarom begint elk tracé bij de KLIC-melding bij het Kadaster. Die levert de liggingsgegevens van alle kabels en leidingen in het werkgebied — en die nemen we serieus. Bij twijfel graven we proefsleuven om de werkelijke ligging met de hand te verifiëren, want tekeningen en werkelijkheid lopen nogal eens uiteen.
Daarna bepalen we de aanpak per situatie: open ontgraving waar het kan, een gestuurde boring onder wegen, sloten of waardevolle bestrating door. De diepteligging volgt de norm: glasvezel in het trottoir op zo'n 60 centimeter, onder rijbanen en bijzondere kruisingen dieper. Zo ligt het netwerk veilig buiten het bereik van de gemiddelde tuinschep.
Veiligheid is daarbij geen papieren exercitie. Afzettingen en loopschotten voor voetgangers, schone werkplekken, en handmatig graven in de buurt van vreemde kabels en leidingen: graafschade aan andermans net is de duurste fout in dit vak — en de meest vermijdbare.
Scroll en zie de ondergrond laag voor laag opbouwen.
De glasvezel zelf gaat vrijwel nooit "kaal" de grond in. Eerst leggen we HDPE-mantelbuizen — de herkenbare oranje buizen van onze haspels. Die beschermen de kabel tegen stenen, zettingen en toekomstige graafwerkzaamheden, en maken het net uitbreidbaar: een nieuwe kabel blaas je later gewoon door een lege buis, zonder opnieuw te graven.
Binnen wijken werken we veel met microducts: bundels dunne buisjes van bijvoorbeeld 7 of 10 millimeter, elk goed voor één microkabel naar één adres of verdeelpunt. Eén sleuf, tientallen toekomstige verbindingen.
Het inbrengen van de kabel gebeurt met inblaasapparatuur: perslucht en een aandrijving "zweven" de kabel honderden meters door de buis, zonder trekkracht van betekenis op de vezels. Bochten, lussen bij moflocaties en overlengtes plannen we vooraf in — zodat er bij elke mof genoeg kabel is om comfortabel te kunnen lassen.
Na het leggen volgt het sluitstuk dat niemand ziet maar iedereen merkt: laagsgewijs verdichten van de sleuf en het herstel van de bestrating. Tegels in verband, op hoogte, zonder kuilen of opstaande randen. Daar mag u ons op aanspreken.
Van proefsleuf tot eindoplevering: één partij, één planning, één aanspreekpunt.